Wees zuinig op onze boerennatuur!
Mijn wens voor 2026: wees zuinig op onze boerennatuur!
Als de eerste sneeuwvlokken vallen en het ijs op de sloten aangroeit rolt er een golf van vrolijkheid en saamhorigheid door ons land. De mutsen gaan op, handschoenen aan en overal zie je groepjes mensen wandelen of er met de slee op uit trekken. Op ondergelopen weilanden verzamelen zich de eerste waaghalzen, en jong en oud genieten samen van de pret die de winter biedt. Het lekker buiten zijn in de winter zorgt ervoor dat je je omgeving en het landschap op een heel andere manier gaat beleven en zien.
Ik heb zelf het geluk dat ik vanuit huis de wandelschoenen aan kan trekken en zo de polders aan de rand van de Biesbosch in kan duiken, of een wandeling door het patrijzengebied polder Oude Doorn kan maken. En juist in de winter zie je mooi dat onze natuur niet zonder het boerenland kan, en dat boeren met hun natuurbeheersmaatregelen letterlijk van levensbelang zijn voor tal van soorten.
Deze kerstvakantie werden we weer eens volop getrakteerd op een echte winter. Koude maar zonnige kerstdagen en een echt ouderwets dik pak sneeuw in het nieuwe jaar. Een ideale tijd om er op uit te gaan om de boerennatuur te beleven.
Het is mooi om te zien dat honderden koperwieken en kramsvogels het landschap afstruinen en zich tegoed doen aan het achtergebleven fruit in de boomgaarden. Voor de sperwer een uitgelezen kans om de groepen te volgen en te proberen om ze slalommend tussen de appelbomen door te verrassen.
Zwermen kieviten en wulpen volgen de vorstgrens en trekken steeds een stukje verder naar het zuiden, terwijl de ijsvogels in de laatste stukjes open water hun visje proberen te vangen. Grote groepen kepen en vinken speuren de akkerranden af op zoek naar voedstel. De leeuweriken en piepers weten feilloos de stoppelvelden te vinden waar ze als zwarte stipjes in de sneeuw op foerageren, terwijl de blauwe kiekendieven zwieren boven de in blokken gemaaide en ecologisch beheerde slootranden.
Waar de zeearend jarenlang een zeldzame verschijning was kun je hem nu steeds vaker aantreffen in de open polder. We zien ze hier met grote regelmaat met z’n tweeën rustig zittend op een omgeploegde akker of op de uitkijk in een oude populier. Grote sprongen reeën verruilen elk jaar de deels ondergelopen Biesbosch voor de akkers waar ze zich tegoed doen aan de resten van aardappel en suikerbiet.
Stel je eens voor dat de weidsheid van de polder, de akkers en de akkerranden er niet meer zouden zijn. Dat we geen wintervoedselakkers, knotwilgen en stoppelvelden meer zouden hebben. Dat die polders volgebouwd zouden zijn met industriehallen, nog een weg erbij of een vakantiepark.
Van mij mag de winterpret nog wel een paar weken duren. De mensen worden er vrolijk van, het is goed voor de bodem en op het veld is gelukkig nog voldoende voedsel te vinden, dankzij het samenspel tussen boer en natuur. Mijn wens voor 2026: wees zuinig op onze boerennatuur!
Hermen Vreugdenhil
Foto ter illustratie.